Rabobank houdt aangekochte binnenschepen uit de vaart

285

DEN HAAG – De Rabobank houdt drie onlangs via een online veiling aangekochte binnenvaartschepen uit de vaart en laat de oorspronkelijke binnenvaartondernemer niet op het schip werken. Van gesubsidieerde schepen is volgens minister Schultz dan ook geen sprake.

Rabobank laat 19 november vier binnenvaartschepen veilenTweede Kamerlid Farshad Bashir (SP) stelde na een bericht in Weekblad Schuttevaer Kamervragen. De Rabobank zou middels een eigen of een aan de Rabobank verbonden BV een deel van de schepen die geveild werden en waar zij zelf een hypotheek op had, hebben gekocht. De Rabobank geeft aan dat schepen in deze constructie uit de vaart gaan en de voormalig eigenaar geen betrokkenheid houdt. ‘De ondernemer blijft aansprakelijk voor een eventuele restschuld, zoals gebruikelijk is bij een bedrijfsfaillissement, maar deze niet vereffenen door zonder vergoeding op het schip te blijven werken.’

Restschuld schipper

De Rabobank geeft aan de minister aan dat de beschreven werkwijze klopt. ‘Indien de door de Rabobank vooraf gestelde bodemprijs (gebaseerd op een inschatting van de minimale opbrengstwaarde) niet wordt gehaald, koopt de Rabobank via een dochteronderneming dit schip in. De Rabobank hanteert deze werkwijze met het oogmerk om het schip op een later moment alsnog te verkopen, dan wel het te exporteren of demonteren tegen een reële waarde. De bodemprijs ligt in alle gevallen hoger dan de door deskundige makelaars vastgestelde executiewaarde van het betreffende schip. Dit heeft een gunstige invloed op de restschuld van de schipper.’

Staatsgarantie

Bashir wilde van de minister weten of de de Rabobank vervolgens aanspraak kan maken op een staatsgarantie van één miljoen euro per schip. Volgens de minister kan bij het verstrekken van een krediet voor de aankoop van een binnenvaartschip gebruik worden gemaakt van de regeling Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) van het ministerie van Economische Zaken. De maximum hoogte van het krediet dat onder de regeling gebracht kan worden is regulier één miljoen euro. ‘De verkoop van het schip vermindert de schuld van de ondernemer, ook als de verkoop plaats vindt aan een dochter van de bank. Alleen een eventueel resterend verlies op het deel van het totaal verleende krediet dat onder de BMKB valt kan gedeclareerd worden. Er vindt dus geen dubbele vergoeding aan de bank plaats. De constructie beoogt een opbrengst onder de door onafhankelijke experts vastgestelde bodemprijs te voorkomen, waardoor zowel de ondernemer als de Staat niet door deze constructie worden benadeeld. Ik heb daarom geen bezwaar tegen deze constructie. Om de belangen van de Staat te waarborgen, blijft de ondernemer wel aansprakelijk voor het door de overheid vergoede bedrag.’ (Bron: Tweede Kamer)

Lees ook:
Rabobank laat 19 november vier binnenvaartschepen veilen

Reageren op dit bericht kan onderaan deze pagina
Volg ons ook op Twitter of neem een abonnement op de nieuwsbrief