Met Noordtak Betuwelijn twee keer zo snel naar Duitsland

777

Met een nieuwe, aparte Noordtak van de Betuweroute zijn goederenvervoerders op het spoor twee keer zo snel van Rotterdam naar de Duitse grens. Uit een quick-scan-onderzoek van het Havenbedrijf Rotterdam en de provincies Overijssel en Gelderland blijkt dat de reistijd terug kan worden gebracht van ruim vier uur tot ongeveer twee uur.

De snelheidswinst is veel meer dan via de alternatieven die het ministerie nu onderzoekt. Dit levert het bedrijfsleven in het peiljaar 2030 bij 36 treinen per dag een besparing op van 62 miljoen euro per jaar. Gedeputeerde Conny Bieze van Gelderland verwacht dat staatssecretaris Mansveld de Noordtak als volwaardig alternatief meeneemt in de besluitvorming over het goederenvervoer in Oost-Nederland.

Veiliger
Doordat de nieuwe Noordtak de kortste route is van de bestaande Betuwelijn (Valburg) naar de Duitse grens, is de geluidshinder volgens de onderzoekers Betuweroute gaat over op groene stroomnavenant minder. ‘De nieuwe route wordt net als de bestaande Betuwelijn zo veel mogelijk buiten de bebouwde kom gelegd. En door de ongelijkvloerse kruisingen verbetert de veiligheid aanzienlijk, zeker in vergelijking met de varianten waarbij het goederenvervoer samen met het personenvervoer het bestaande, gemengde spoornet moet gebruiken. De jaarlijkse besparing is tien miljoen euro.’

Betrouwbaarder
Tot slot draagt een nieuwe Noordtak bij aan een robuuster spoorwegnet.  Door de nieuwe lijn kunnen 36 goederentreinen per etmaal van het bestaande spoor tussen Rotterdam haven en  Oldenzaal worden gehaald. Hierdoor ontstaat ruimte voor meer  personenvervoer, waardoor de dienstregeling betrouwbaarder wordt voor zowel personen- als goederenvervoer. Dit levert jaarlijks een besparing op van drie miljoen euro.

Lagere kosten
Het ministerie heeft in 2012 laten uitrekenen dat een nieuwe Noordtak  tussen de 2 en 4,7 miljard euro kost. ‘Uit de quick-scan blijkt dat het ook kan met een investering van 1,4 miljard euro. Dat is weliswaar meer dan de alternatieven die de staatssecretaris onderzoekt (450–830 mln euro), maar daarbij is nog geen rekening gehouden met de extra veiligheids- en leefbaarheidsmaatregelen die langs de bestaande spoorlijnen moeten worden getroffen. Bovendien kan  voor de aanleg van de nieuwe lijn een beroep worden gedaan op Europese subsidieregelingen voor robuuste spoorgoederencorridors.’

Aanleiding
Aanleiding voor het Havenbedrijf Rotterdam en de provincies Gelderland en Overijssel voor het onderzoek zijn de plannen van het Ministerie van I&M om in Oost-Nederland meer goederentreinen op bestaand spoor te laten rijden in het kader van het project Programma Hoogfrequent Spoor (PHS).  In de MER-procedure die het Rijk hiervoor heeft opgestart zijn vier varianten onderzocht: IJssellijn/Kopmaken bij Deventer, IJssellijn/ Twentekanaallijn of IJssellijn/ spoorbogen  bij Bathmen (2 varianten). In juni verwacht de staatssecretaris een keuze tussen deze varianten te maken. (Bron: Havenbedrijf Rotterdam)

Reageren op dit bericht kan onderaan deze pagina
Volg ons ook op Twitter of neem een abonnement op de nieuwsbrief