‘Meer aandacht voor spoorgoederenvervoer gewenst’

548

EVOStaatssecretaris Mansveld besteedt in de spooragenda voor de lange termijn die zij gisteren presenteerde, onvoldoende aandacht aan maatregelen die het spoor echt aantrekkelijk moeten maken voor verladers, vindt EVO. ‘Juist omdat de overheid verladers wil bewegen meer gebruik te maken van het spoor, zou de staatssecretaris met hen daarover in overleg moeten gaan, meent de organisatie. Hoge kosten en matige dienstverlening verslechteren ook de positie van bedrijven die wel van het spoorgebruik maken ten opzichte van buitenlandse concurrenten.’

‘Mansveld schrijft in de Spooragenda weliswaar dat de wensen van de verladers centraal staan bij het verbeteren van de dienstverlening, maar geeft daar verder geen inhoud aan. Dat terwijl veel verladers serieus in spoorvervoer zijn geïnteresseerd. Maatschappelijk verantwoord ondernemen en wensen van hun klanten zijn hiervoor belangrijke redenen.’

Kwaliteitsverbetering
De beoogde groei van het spoorvervoer moet volgens Mansveld tot stand komen door een kwaliteitsverbetering van het spoorproduct. Hiervoor zijn de spoorvervoerders zelf aan zet, maar omdat de overheid graag ziet dat meer verladers van het spoorvervoer gebruikmaken, is een actieve betrokkenheid van de overheid onmisbaar. Rechtstreeks overleg met de verladers werkt daarbij volgens EVO beter dan alleen overleg met de spoorvervoerders.

Internationaal
De aantrekkelijkheid van het spoorgoederenvervoer wordt sterk beïnvloed door de kwaliteit van het internationale spoorvervoer. Daaraan worden volgens EVO in de Spooragenda te positieve verwachtingen gesteld. De organisatie meent dat Nederland daarom binnen de EU meer moet doen om het internationale spoorvervoer te verbeteren.