Juridische Zaken: Alles over de Wet Werk en Zekerheid (Deel 2)

891

In deel I over de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) is een overzicht gegeven van de ingrijpende gevolgen van deze wet voor het arbeidsrecht en de ingangsdata. In deel II behandelt mr. Otto Lenselink de onderwerpen die met ingang van 1 januari 2015 worden gewijzigd.

ottolenselinktimesnew2Aanzegplicht voor de werkgever:

Voor arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd met een looptijd van meer dan 6 maanden die eindigen na 1 februari 2015 geldt de verplichting voor de werkgever om één maand van te voren schriftelijk aan de werknemer mede te delen dat de arbeidsovereenkomst niet wordt voorgezet. Voor iedere dag dat deze aanzegging te laat is, is de werkgever een dagloon verschuldigd. Laat de werkgever de aanzegging van beëindiging in zijn geheel achterwege, dan is hij een maandloon verschuldigd aan de werknemer in kwestie.

Bij voortzetting van de arbeidsovereenkomst moet de werkgever één maand voor het verstrijken van deze termijn de werknemer schriftelijk berichten welke voorwaarden zullen gelden. Wordt daarvan niet of niet tijdig melding gemaakt dan gelden de ‘oude’ voorwaarden voor dezelfde duur als de duur van het contract, met een maximale duur van één jaar.

Het concurrentiebeding:

Voor arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd die worden gesloten na 1 januari 2015 heeft te gelden dat een concurrentiebeding niet mag worden opgenomen, tenzij er sprake is van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen aan de zijde van de werkgever.

Een werkgever die zich beroept op deze zwaarwegende belangen zal vooraf schriftelijk moeten motiveren welke belangen het betreffen en waarom deze belangen nopen tot het opnemen van een concurrentiebeding en dat de belangen van werkgever voor zwaarder wegen dan de belangen van een werknemer om ongebonden te zijn aan een concurrentiebeding.

Bij de behandeling van het wetsvoorstel WWZ is het relatiebeding niet ter sprake gekomen, terwijl een relatiebeding in de rechtspraktijk wel degelijk vaak onderwerp is van geschil tussen werkgever en werknemer. In tal van uitspraken wordt een relatiebeding geduid als een variant van een concurrentiebeding. Het verdient aanbeveling om een schriftelijke motivatie op te nemen in de arbeidsovereenkomst in het geval een werkgever een relatiebeding wil opnemen in arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd na 1 januari 2015.

Het proeftijdbeding:

Met ingang van 1 januari 2015 is een proeftijdbeding in arbeidsovereenkomsten met een kortere duur dan 6 maanden nietig. De verwachting bestaat dan ook dat met ingang van 1 januari 2015 er vaak zal worden gewerkt met een eerste contract van net meer dan 6 maanden.

Voor meer informatie over de gevolgen van de invoering van de Wet Werk en Zekerheid kunt u contact opnemen met mr. Otto Lenselink (olenselink@buntsma.nl of 076 – 5204044).

Reageren op dit bericht kan onderaan deze pagina
Volg ons ook op Twitter of neem een abonnement op de nieuwsbrief