Goederenspoor Oost-Nederland later vanwege lagere groei

296

Staatssecretaris Mansveld van Infrastructuur en Milieu stelt het besluit tot aanleg van de Goederenroute Oost-Nederland uit tot 2020. Mansveld heeft al wel gekozen voor de variant ‘kopmaken te Deventer’ waarbij de goederentreinen keren op het emplacement in Deventer.

In 2010 is besloten dat het spoor tussen Elst en Oldenzaal/Duitse grens geschikt moet worden gemaakt voor de toename van het aantal goederentreinen door Oost-Nederland. Omdat de groei van het goederenvervoer minder groot is dan verwacht, wordt de Deventer variant tot 2020 niet verder uitgewerkt. Elke drie jaar Mansveld onderzoekt mogelijkheden Calandbrugwordt de ontwikkeling van het goederenvervoer opnieuw bekeken. Op basis daarvan besluit de staatssecretaris of het nodig is de vervolgfase te starten. Dan wordt ook bepaald of een noordelijke aftakking van de Betuweroute (de Noordtak) opnieuw wordt onderzocht.

Amsterdam

In Amsterdam worden de oude spoorbruggen aan beide zijden van het station vervangen. Hierdoor is het mogelijk om meer treinen te laten rijden naar Utrecht, Eindhoven en tussen Schiphol en Lelystad. Tegelijk moet goederenvervoer mogelijk blijven naar het Amsterdamse havengebied en IJmuiden.
In totaal wordt hier door het ministerie 431 miljoen euro voor uitgetrokken.

Brabantroute

Om het goederenvervoer van de Brabantroute (via Dordrecht, Breda en Tilburg) naar de Betuweroute te verplaatsen, komt er een spoorverbinding via een boog bij Meteren. Hierdoor rijden goederentreinen meer over de Betuweroute en vermindert de overlast voor omwonenden van de Brabantroute. De extra ruimte op de Brabantroute wordt gebruikt om meer reizigerstreinen vanuit Brabant naar de Randstad te laten rijden.
Rijk en regio hebben 703 miljoen gereserveerd voor de maatregelen in Noord Brabant en Gelderland. (Bron: Ministerie I&M)

Reageren op dit bericht kan onderaan deze pagina
Volg ons ook op Twitter of neem een abonnement op de nieuwsbrief