Antwerpen wil geen Nederlandse kabels in Westerschelde

811

ANTWERPEN Het Havenbedrijf Antwerpen heeft bij de Nederlandse Raad van State beroep aangetekend tegen het voorgestelde kabeltracé van het geplande windmolenpark Borssele op zee. Het Havenbedrijf Antwerpen heeft een aantal bezwaren bij dit voorgestelde kabeltracé, bezwaren die het de voorbije maanden herhaaldelijk op tafel heeft gelegd tijdens de lopende procedures.

borssele2Nederland wil op termijn vijf windparken op zee bouwen, die samen 3500 MW aan energie moeten leveren. De energie die op zee opgewekt wordt, moet aan land gebracht worden. Het net op zee bestaat uit twee transformatorstations in zee, vier onderzeese 220kv hoogspanningskabels naar land, het ondergrondse tracé op land en een nieuw hoogspanningsstation in Borssele.
Het Havenbedrijf vindt het voorgestelde kabeltracé een veiligheidsrisico voor het scheepvaartverkeer van en naar Antwerpen. ‘De kabel bevindt zich in het drukst bevaren gebied van de Westerschelde. Er zijn verschillende alternatieven voor het kabeltracé, maar die zijn onvoldoende onderzocht.’

Mogelijke tracés
Voor deze ‘aanlanding’ zijn er verschillende opties mogelijk. Er wordt hierbij gesproken over een tracé 1, 2, 3 en 4, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen 4A en 4B. De tracés 4A en 4B lopen door de Westerschelde. De Nederlandse overheid heeft een duidelijke voorkeur uitgesproken voor tracé 4B en hier recent de nodige vergunningen voor afgeleverd.
Maar volgens het Havenbedrijf is tracé 4B onverenigbaar met de Scheldeverdragen die in 2005 tussen Vlaanderen en Nederland werden afgesloten, en die afspraken inhouden over de veiligheid, toegankelijkheid en natuurlijkheid van de rivier. ‘In het tracé 4B bevindt de kabel zich immers in het drukst bevaren gebied van de Westerschelde, op het knooppunt van alle scheepvaarttrafieken van alle Scheldehavens.’

Nieuwe obstakels
De kabels voor het windmolenpark creëert volgens het Havenbedrijf nieuwe obstakels voor de scheepvaart. ‘Vlaanderen heeft in de jaren ‘90 nog bijna 50 miljoen euro uitgegeven voor een grote wrakopruimingscampagne in de Westerschelde met het oog op de Scheldeverruiming in 1995. Opnieuw obstakels creëren is weinig redelijk in het licht van de inspanningen die in het verleden zijn gedaan om de rivier zo veilig mogelijk te maken.’
Het Havenbedrijf hoopt daarom dat de alternatieven voor het tracé 4B beter worden onderzocht. ‘De vaarwegfunctie van de Westerschelde mag niet worden aangetast. Geen enkele ingreep mag een belemmering vormen voor de veiligheid en vlotheid van het internationale scheepvaartverkeer van en naar de haven van Antwerpen.’
Het Havenbedrijf meldt open te blijven staan voor dialoog om ‘tot een voor alle partijen aanvaardbare oplossing te komen’.